De 1e echo's

Echo vitaliteit:

Je mag al een echo laten maken als je tussen de 7 en 8 weken zwanger bent. Er wordt gekeken of het hartje klopt en of de zwangerschap op de goede plaats zit. Dit is meestal een inwendige echo, omdat de baarmoeder vaak nog te klein is om de baby via de buik te bekijken.

 

Termijnbepaling:

Daarna wordt er nog een echo gemaakt bij een zwangerschapsduur tussen de 10 en de 12 weken. Bij deze echo wordt door het nauwkeurig meten van de baby, bepaald of de werkelijke zwangerschapsduur overeenkomt met de datum die berekend is vanuit je cyclus of de 1e echo. Volgens de nieuwste richtlijnen wordt de duur van je zwangerschap en dus ook je uitteldatum berekend op basis van deze echo tussen 10 en 12 weken.

Als je kiest voor een screening op down, edwars- en patausyndroom door middel van de combinatietest, dan wordt de termijnbepaling tegelijk met de echo voor de nekplooimeting gedaan.

Als er meerdere echo's tussen 10 en 12 weken zijn gemaakt wordt voor de termijnbepaling de echo gebruikt die het dichtste bij de 10 weken ligt.